Dit soort vragen gebruik je om de waarheid van iets te checken.
Met dit soort vragen vraag je naar wat er gebeurt door iets. Wat het gevolg is van waar je over vraagt.
Hiermee vraag je naar het bestaan van iets. Bestaat het of niet? Is het werkelijkheid of niet?
Met dit soort vragen vraag je naar mogelijke alternatieven. Dingen die nog niet waar zijn maar dat mischien zouden kunnen zijn.
Deze vragen vragen naar manieren waarop je dingen kunt doen. Ze zijn praktisch. Ze gaan over doen.
Deze vragen vragen naar redenen.
Begin je vraag met "Wanneer..." en vraag zo naar een tijd die te maken heeft met dit weetje
Begin je vraag met "Waar..." en vraag zo naar een plaats die te maken heeft met dit weetje
Begin je vraag met "Wie..." en vraag zo naar mensen die te maken hebben met dit weetje
'Wat' is het simpelste vraagwoord. Begin maar eens een vraag met "Wat..."